TweetShare EmailSharebar TweetShare Email Picture this: Hilversum Noord, july 2006. Ik stap de trein in en ga in de STIKHETE coupe zitten. Het raampje boven mijn hoofd zit dicht. Het […]
TweetShare EmailSharebar TweetShare Email De politiek wordt steeds gekker. Nu praten de CDA en de VVD met de SGP en Christen Unie. Over kiezersbedrog gesproken zeg. De SGP, een partij […]
TweetShare EmailSharebar TweetShare Email lees meer over Mijn moment van 2012 Mijn moment van 2012? Da’s niet zo moeilijk natuurlijk. Dat was toch wel de dag dat ik voor het […]
TweetShare EmailSharebar TweetShare Email Het is alweer 4 jaar geleden dat ik voor het laatst op Aruba ben geweest. Da’s lang hoor. Zeker als je bedenkt dat mijn ouders daar […]
Vier stuks
“Je mag maar 4 stuks.” Beschuldiging veranderde in triomf. En terwijl ze twee van de door mij met zorg uitgezochte stuks aanpakte, werd van de weeromslag haar glimlach zelfs oprecht. Als was het nu wel meer een grijns.
Een uur had ik rondgelopen. Pijn aan mijn voeten, zweet op mijn voorhoofd en duizelig van de eindeloze hoeveelheid rekken, zo volgepropt met kleding dat het bekijken ervan alleen was weggelegd voor de lucky few met biceps van formaat. En zag ik dan eindelijk iets glinsteren tussen alle stof. Iets dat best een pareltje zou kunnen zijn. Iets wat ik er na een serieuze worstelpartij dan eindelijk tussenuit had weten te trekken. Iets wat bij nadere inspectie eenmaal niet meer omsingeld door andere stuks, een soepjurk bleek of maatje xs, dan kreeg ik het met geen mogelijkheid meer terug in het rek. En nu, na alle lichamelijke inspanning en mentale dramamomentjes, mocht ik maar 4 stuks aanpassen.
Het gezicht dat vanuit de spiegel naar me staarde keek geirriteerd. “Niet fronzen,” zei ik zachtjes tegen mijn spiegelbeeld. Want als zij het deed, was het risico groot dat ik met de rimpels zou blijven zitten. Maar de frons bleef precies zitten waar hij zat. Ergens midden tussen mijn wenkbrauwen. Precies op een plek waar rimpels niet wijzer, maar lelijker maken. Ik zag mezelf al zitten met mijn mooie kleren, maar gefronste hoofd. Ik schoof het gordijn open, pakte mijn vier stuks en liep het hokje uit. Op mijn gezicht nu dezelfde grijns als die waar ik eerder op getrakteerd was. “Kun jij deze even terughangen?” De wenkbrauwen van de kleedkamerkapo probeerden elkaar ergens in het midden beet te pakken. Nog voordat haar frons voltooid was had ik haar de vier stuks al in de handen geduwd en was ik op weg naar buiten. Naar een winkel waar wel ruimte was om te shoppen.
Ook leuk: