Mijn innerlijke mafkees traint mee

Heerlijk uitgerust van mijn lange weekend stap ik maandagochtend tweede Pinksterdag in de auto op weg naar Urban Gym. Het zonnetje schijnt tussen de regenbuien door en uit mijn radio schreeuwt een dame melodieus over een vent die haar voorgelogen heeft. 

Het is mijn derde sessie en inmiddels zijn de ergste zenuwen weg. Het lange weekend, met vele snacks en borrels, zorgt er zelfs voor dat ik met frisse moed het gaspedaal intrap.

Druk druk druk

Wanneer ik mijn auto wil parkeren, blijk ik niet de enige te zijn die vandaag wil gaan sporten. De schrik slaat me om het hart. Wat als ik net vandaag opeens niks meer kan? Wat als het zo druk is dat ik tussen 24 mensen door mijn marginale oefeningen moet doen?

Ik spreek mezelf streng toe: “Kom op kind, je bent al een tijdje volwassen. Hup. Naar binnen.”

Ook binnen is het drukker dan normaal. Dat had ik bij het maken van deze afspraak ook best kunnen bedenken. Ik ben natuurlijk niet de enige die vrij is.

Al deze mensen. Hellup!

Geroutineerd stap ik op de fiets om op te warmen. Nicole is nog bezig met – wat klinkt als een zeer heftige – workout met een groep dames die samen een soort bootcamp doen. Dus ik moet me even alleen redden.

Terwijl ik de fiets aantrap, flitsen de gedachten door mijn hoofd: “Moet ik tussen al deze mensen sporten?”

Dit is het moment om te vertellen dat ik jarenlang op het podium heb gestaan. Als columnist, spreker op congressen, op tv en zelfs kort als zangeres. Maar sporten waar andere mensen bij zijn….nee nee NEE!

Gaan we daarheen????

Als mijn spieren lekker warm zijn van het fietsen en mijn hoofd vol met onzin over de andere aanwezigen, zie ik gelukkig Nicole: “Zullen we aan de slag gaan?”

Ze maakt aanstalten om naar de drukste ruimte te lopen: “Gaan we daar bij al die mensen sporten?” Vraag ik.

“Wil je liever in die andere ruimte?”

Ik omhels haar nog net niet, want dat zou een beetje ongepast zijn. Maar mijn enthousiasme over deze ontsnappingsroute verberg ik waarschijnlijk slecht wanneer ik direct roep: “JA!”

Mijn opluchting zorgt er spontaan voor dat alle oefeningen extra goed gaan. Nicole heeft met extra gewichten en extra instructies alles net wat moeilijker gemaakt, maar dat is minder erg dan sporten in een drukke ruimte.

Als we ongeveer op de helft van mijn training alsnog naar de andere ruimte moeten, is de drukte inmiddels een stuk minder. Daarbij vindt mijn lijf dat ik nu wel andere zaken heb om me op te richten waardoor mijn initiële gêne bijna (!) geen ruimte meer krijgt.

Nobody’s watching you

Zoals altijd wanneer mijn verlegen innerlijke mafkees het overneemt, moet ik algauw constateren dat helemaal niemand op mij zit te letten. Mijn laatste beetje ongemak verdwijnt en ik sport de duiven van het dak. Of dat een Nederlands gezegde is weet ik niet, maar dat zou het wel moeten zijn.

Wat een grenzen heb ik deze dag verlegd man. Een mens zou er spieren van krijgen.

Leave a Reply

Your email address will not be published.