Op Sint Maarten is er een heuvel waar soms een dunne sliert rook opstijgt. Wanneer kinderen dat zien, zeggen ouderen wel eens: kijk, daar is ze, ze stookt haar vuur nog steeds.
Met “zij” bedoelen ze Lohkay.
Haar naam leeft al generaties lang voort op het eiland, niet in officiële archieven of koloniale documenten, maar in verhalen die van mond tot mond worden doorgegeven. In die verhalen verschijnt ze steeds opnieuw als een vrouw die weigerde zich neer te leggen bij haar lot en die, ondanks alles wat haar werd aangedaan, wist te verdwijnen in de heuvels van het eiland.
Geboren op een klein eiland
Lohkay wordt geboren op een plantage aan de Nederlandse kant van Sint Maarten, een eiland dat zo klein is dat je vanaf veel plekken de zee kunt zien. Dat open landschap maakt ontsnappen moeilijk, want wie probeert te vluchten heeft weinig plekken om zich werkelijk te verbergen.
In gebieden zoals Suriname konden gevluchte tot slaaf gemaakten diep het binnenland intrekken en daar nieuwe gemeenschappen vormen. Op Sint Maarten lag dat anders, omdat het eiland bestaat uit heuvels, plantages en de zee die overal dichtbij is.
Toch probeert Lohkay te ontsnappen.
Wanneer dat precies gebeurt weten we niet, en ook de directe aanleiding is onbekend. Wat de overlevering wel vertelt, is dat ze nog jong is wanneer ze haar eerste vlucht waagt.
Die poging duurt niet lang, want ze wordt gevonden en teruggebracht naar de plantage.
De straf
De straf die volgt is bedoeld als afschrikking.
In het openbaar laten de plantage-eigenaren één van haar borsten afsnijden, zodat iedereen kan zien wat er gebeurt met mensen die proberen te ontsnappen. Vanaf dat moment krijgt ze een nieuwe naam: One-Tété, één borst.
Binnen het slavernijsysteem waren zulke straffen geen uitzonderingen. Verminking werd bewust ingezet om angst te zaaien en gehoorzaamheid af te dwingen, waarbij het lichaam van een tot slaaf gemaakte vrouw een instrument van macht en controle kon worden.
De bedoeling was duidelijk: Lohkay moest een voorbeeld worden dat anderen ontmoedigde om hetzelfde te proberen.
Maar haar verhaal eindigt daar niet.
De tweede vlucht
Na de verminking wordt Lohkay verzorgd door de bosdokter van de plantage, een man met uitgebreide kennis van kruiden en geneeskrachtige planten. Die kennis, vaak afkomstig uit Afrikaanse en Caribische tradities, werd van generatie op generatie doorgegeven en speelde een belangrijke rol in het dagelijks leven van tot slaaf gemaakte gemeenschappen.
Langzaam herstelt ze.
Wanneer ze weer sterk genoeg is, vlucht ze opnieuw, en deze keer verdwijnt ze in de heuvels van het eiland. De plantage-eigenaren zoeken naar haar, maar weten haar niet meer te vinden.
Leven in de heuvels
Vanaf dat moment leeft Lohkay buiten het bereik van de plantage.
Overdag blijft ze verborgen in de heuvels, hoog in het landschap en buiten het zicht van de velden, terwijl ze ’s nachts naar beneden komt om voedsel te halen van de plantages. Soms zien mensen haar in de verte, een korte glimp van een vrouw die nog steeds vrij rondloopt op een eiland waar vrijheid voor de meesten onmogelijk lijkt.
Ze organiseert geen opstand en maakt geen plannen met anderen, maar haar aanwezigheid alleen al heeft betekenis. Het feit dat ze nog leeft en niet is teruggekeerd naar de plantage laat zien dat ontsnappen mogelijk is.
Langzaam groeit haar naam uit tot een verhaal dat over het eiland rondgaat. Mensen spreken haar naam zacht uit, bijna alsof ze nog ergens in de heuvels kan meeluisteren, en wanneer er rook opstijgt uit het landschap, zeggen ze dat Lohkay daar haar vuur stookt.
Een wereld in verandering
Terwijl Lohkay in de heuvels leeft, verandert ook de wereld om haar heen.
Aan het einde van de achttiende eeuw breekt op Haïti een opstand uit onder tot slaaf gemaakten. Wat begint als een revolte groeit uit tot een langdurige oorlog tegen koloniale machten. De strijders op Haïti vechten tegen Franse troepen, tegen Britse legers en uiteindelijk zelfs tegen het leger van Napoleon.
Uiteindelijk slagen zij erin hun vrijheid te veroveren, en in 1804 ontstaat de republiek Haïti, de eerste zwarte republiek in het westelijk halfrond die is gesticht door mensen die zichzelf hebben bevrijd.
Voor plantage-eigenaren in het Caribisch gebied is dat een schokkende ontwikkeling, omdat het laat zien dat het slavernijsysteem niet onoverwinnelijk is en dat verzet daadwerkelijk tot vrijheid kan leiden.
De grens op Sint Maarten
Sint Maarten heeft bovendien een bijzondere situatie die veel andere eilanden niet kennen: een grens.
Het eiland is verdeeld tussen twee koloniale machten, met het Franse Saint-Martin in het noorden en het Nederlandse Sint Maarten in het zuiden. Halverwege de negentiende eeuw schaft Frankrijk de slavernij af in zijn koloniën, en dat nieuws bereikt het eiland vrijwel meteen.
Het Franse besluit is duidelijk: iedere tot slaaf gemaakte die Frans grondgebied bereikt, is vanaf dat moment vrij.
Voor mensen aan de Nederlandse kant betekent dat iets heel concreets, want zij hoeven niet naar een ander eiland te vluchten of een gevaarlijke overtocht te maken. Het enige wat nodig is, is de grens oversteken.
Veel mensen doen dat ook.
Plantage-eigenaren schrijven paniekerige brieven naar Den Haag en melden dat hun systeem instort, omdat mensen eenvoudig naar het noorden lopen. Uiteindelijk zien veel eigenaren geen andere mogelijkheid dan hun arbeiders zelf vrijheid te geven.
De officiële afschaffing van slavernij in het Nederlandse rijk volgt pas vijftien jaar later, in 1863, maar op Sint Maarten was de werkelijkheid al eerder veranderd.
Herinnering
Vandaag staat er op Sint Maarten een bronzen standbeeld van Lohkay, waarop ze rennend is afgebeeld met suikerriet op haar schouder en een band over haar borst.
Het beeld staat op een rotonde en herinnert aan een vrouw die zich niet liet breken door het systeem waarin ze was geboren.
In 2017 werd het standbeeld zwaar beschadigd door orkaan Irma. Het werd gerestaureerd en in 2021 opnieuw geplaatst.
In 2022 noemde de Nederlandse premier Mark Rutte haar naam tijdens zijn officiële excuses voor het Nederlandse slavernijverleden.
Maar op Sint Maarten zelf was Lohkay nooit verdwenen uit het geheugen. Mensen kijken al generaties lang naar de heuvels en zeggen, wanneer er soms een dunne sliert rook opstijgt, dat ze daar nog steeds is.